1987

EEN ERG DRUK JAAR!

Is het voorbije jaar 1986 een relatief rustig jaar geweest wat het aantal oefeningen betreft ( er waren immers andere “verplaatsingen” te regelen …) dan zal 1987 bekend worden als het jaar waarin het bataljon of een deel ervan van de ene oefening naar de andere rolt.

Van 16 maart tot 3 april 1987 gaat in het kamp van ELSENBORN een eerste schietperiode voor het bataljon door. Deze kampperiode wordt afgesloten met de bataljonstest “ FIGHTING GOAT”, waarin 2A glansrijk slaagt.

Nauwelijks een week later zijn er opnieuw artilleristen van 2A in de Eifelstreek voor de TACONEX – oefening ” EASTER EGG” van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE in het kamp van VOGELSANG

En op 27 april 1987 houdt een alarmoefening “ ACTIVE EDGE ” iedereen uit bed!

Van 18 tot 22 mei 1987 zit 2A in de streek van HOFGEISMAR voor de FTX  van de artillerie “ HELL FIRE ”  en in de laatste helft van juni ( 23 en 24 juni 1987 ) trekt een deel van het bataljon naar MUNSTER voor de CPX- oefening “ BABYLONIAN STRIKE ” van de 4de (NL) DIVISIE. Deze oefening is de voorbereiding van de FTX “ CERTAIN STRIKE” die doorgaat van 11 tot 24 september 1987 in diezelfde streek.

In de laatste dagen van september 1987 gaan de A- en de B- Batterij nog even een aantal 105 mm – granaten verschieten in het kamp van ELSENBORN en begin oktober  1987 maken de AA – schutters van het bataljon de kust voor LOMBARDSIJDE onveilig.

Van 17 tot 30 oktober 1987 is het bataljon andermaal in de streek van MUNSTER; in het Duitse oefenkamp “ LAGER TRAUEN” ondergaan de A- en de B- Batterij hun batterijtest.

December 1987 begint met een alarmoefening op de eerste dag van de maand; op 15 december 1987 is er een “ NBC- Evaluatietest “ en de dag daarop wordt iedereen verrast door een nieuwe  alarmoefening. Dit maal gaat deze ontruimingsoefening gepaard met een “ ORT – OPERATIONAL READNESS TEST “ door de staf van de 1ste DIVISIE.  Oef!!!

Maar tussen al deze oefeningen en verplaatsingen door, gaat ook het gewone leven in het bataljon zijn gang…

Het Regimentsfeest op 12 juni 1987 is een grootse plechtigheid en gaat door in aanwezigheid van generaal – majoor  GUSBIN, commandant van de 1ste DIVISIE.

’s Anderendaags is het “ OPENDEURDAG”. Deze wordt een ware kazernehappening met talrijke activiteiten. Er zijn ondermeer luchtdopen met helikopter; demonstraties vrije val door de Paraclub van ZWARTBERG;  rondritten met militaire “veterancars” en AS-24; optreden van dansgroepen, muziekkorpsen en artiesten; een statische tentoonstelling van militair materieel en een doorlopende barbecue…

Vanuit VIER startplaatsen wordt de “ JOGGING DER BEIDE KEMPEN” op gang gefloten. Dat zijn LIER; GEEL; LEOPOLDSBURG en HEUSDEN of afstanden van 80, 40, 20, en 10 kilometer. Vanuit de peterstad LIER komen die dag ruim 400 bezoekers; zij reizen met de “ PALLIETEREXPRESS “, een heuse stoomtrein die rijdt tussen LIER en ZOLDER. De laatste kilometers naar de kazerne worden afgelegd met bussen. Het wordt een geslaagde manifestatie, ook al werkt de weermaker erg tegen: het regent bijna de ganse dag.

Het bataljon wordt ook tot tweemaal toe geconfronteerd met de harde realiteit van het leven.  Op 23 juni 1987 wordt  Sdt TV Luc BASTIAENS in VOEREN gegrepen door een trein, terwijl hij   langs de sporen loopt tijdens een dropping. Hij overlijdt aan zijn verwondingen in het Luikse CHARTREUSE – ziekenhuis.  Veertien dagen later komt Sdt TV Rudy TERRIERE om het leven na een ongeval met zijn persoonlijk voertuig in LOMMEL.

Enigszins onverwacht  zal LtKol SBH Joris UYTTERHOEVEN op 2 oktober 1987 het bevel overgeven aan LtKol SBH Hendrik DE PAUW. Bij deze gelegenheid wordt burgemeester Maurits VAN HOUTTE van LIER tot ere – brigadier van 2A benoemd.

Met LtKol SBH UYTTERHOEVEN ziet 2A een korpscommandant vertrekken die zich in de relatief korte tijd van zijn commando (nauwelijks 26 maanden) zeer geliefd heeft gemaakt bij het personeel. Hij heeft vooral de niet geringe taak van de reconversie op nieuw materieel, de verhuis naar België  en de integratie van het personeel op schitterende wijze voltooid.  

LtGen UYTTERHOEVEN, tot hogere functies geroepen, zal de vriend van 2A blijven en het bataljon nog dikwijls ontmoeten bij allerlei gelegenheden. Hij zal zich en vooral 2A bij herhaling gelukkig prijzen dat de verhuis in 1986 kon doorgaan in alle rust, waarbij ook het voortbestaan van het bataljon verzekerd werd, geheel anders dan het traditierijke eenheden zal vergaan  bij de operatie REFORBEL. – NVDR

Het BARBARAFEEST op 4 december 1987 heeft een speciaal tintje: het bataljon neemt er afscheid van adjudant Leopold BOUCKAERT, die 35 jaar onafgebroken bij 2A dienst heeft gedaan en al die tijd de zorg heeft gedragen voor de zware bewapening.

Verschillende groepen bezoeken in dit jaar het kwartier of verblijven er voor een vakantiekamp. Ook militaire detachementen maken gretig gebruik  van de gastvrijheid van 2A. Hiervoor wordt zelfs een volledige blok, blok B3, ingericht als transitverblijf. Van 10 maart tot einde april 1987 verblijven er meerdere detachementen van de RIJKSWACHT, die worden ingezet voor de ordehandhaving bij de stakingen aan de, met sluiting bedreigde, Kempische steenkolenmijnen.

13 juni 1987 Helchteren Opendeurdag
13 juni 1987 Helchteren Opendeurdag
4 december 1987 – Afscheid Adj. L Bouckaert
4 december 1987 – Afscheid Adj. L Bouckaert

1986

De verhuis naar België

Op 18 augustus 1985 heeft de eerste van een lange reeks vergaderingen plaats om de verhuis voor te bereiden. Er wordt een “ VERHUISSTAF” opgericht. Cdt (later: Maj) Robert VERDONCK wordt er de algemene coördinator van. Hij zal de talrijke besprekingen bijwonen die zowel bij GS in EVERE als op de Territoriale Staf BSD in WEIDEN plaats hebben. Daarenboven zijn er nog gesprekken nodig met het commando van de 1ste en 4de PANTSERINFANTERIEBRIGADES in resp. LEOPOLDSBURG en SOEST. En tenslotte moet ook het Plaatscommando in LÜDENSCHEID in de coördinatie betrokken worden.

Om de veertien dagen komt deze “ VERHUISSTAF” samen om de ondernomen stappen en de bereikte resultaten te toetsen en te bespreken; daarbij worden ook bepaalde voorstellen geformuleerd en wordt er een algemene verhuisplanning opgesteld. Daarbij wordt een correcte voorlichting van het personeel niet uit het oog verloren.

Van begin af aan is het duidelijk dat GS niet meer de fouten wenst te maken, die bij vorige verhuizen van eenheden tot heel wat ongenoegen bij het betrokken personeel hebben geleid. Zo is er een breed akkoord over de financiële tegemoetkomingen; er is een consensus over de overdrachten van bevoegdheden en men zet het licht op groen voor een ruime permutatiepolitiek. Dit laatste betekent dat een personeelslid, dat niet naar België wenst te verhuizen, dat ook niet hoeft te doen, mits hij een volwaardige permutant heeft. Dat laatste is echter niet altijd zo evident, want niet alle eenheden van de BSD werken spontaan mee. De “Sectie Artillerie” van de SPECIALE STAF BSD zorgt in deze materie voor de noodzakelijke coördinatie en het dient gezegd dat dit werk naar behoren verloopt. Begin 1986 heeft zo ongeveer iedereen zijn plaatsje in deze immense puzzel gevonden.

DERTIG procent van het actief personeel van 2A zal op deze wijze verkiezen om bij de BSD te blijven. Zij worden vervangen door collega’s, die uit een amalgaam van eenheden komen, maar wat graag naar het moederland muteren. Deze operatie leidt weliswaar tot een globale verjonging van de actieve kaders, maar schept ook het probleem van de integratie. Daarbij moeten een aantal geroutineerde kaderleden worden vervangen door nieuwkomers, die, in sommige gevallen, hun voorganger zelfs nooit zullen gezien hebben.

Het officierenkorps 2A Helchteren 15.11.1986
Het officierenkorps 2A Helchteren 15.11.1986

Het is evenwel bijlange niet het enige probleem dat in die maanden voor het ultieme vertrek moet opgelost worden. Zo zijn er nog de ontkoppeling van de kwartierdiensten  in het Kwartier IJZER; het overnemen van de territoriale en Plaatslasten in LÜDENSCHEID door de achterblijvende eenheden; het opzeggen van de arbeidscontracten van de echtegenoten van de militairen; de verhuis van een 150 gezinnen naar België, enz…

Ook in HELCHTEREN vlot het niet steeds zoals gewenst. Het 8Li, van bataljon tot compagnie gereduceerd, verlaat maar node zijn mooi kwartier, terwijl men ook in LEOPOLDSBURG met wat tegenzin moet opschuiven om de tankjagers plaats te geven. En dan is er nog de beslissing van GS4: 2A moet bij de verhuis al zijn meubels meenemen, terwijl het meubilair in HELCHTEREN moet ontruimd en herverdeeld worden. Dit leidt tot heel wat misverstanden en ellenlange discussies…

De ingang van het kwartier Helchteren 1986
De ingang van het kwartier Helchteren 1986

De zwaarste hypotheek op de verhuis is echter het feit dat het bataljon, weliswaar geen grote oefeningen heeft in 1986, maar niettemin operationeel moet blijven. Daarenboven moeten zowel de A- als de B – batterij een kampperiode met test uitvoeren.  En ook de betrokken Brigadecommandanten spelen het hard: de ene wil 2A zo lang mogelijk bij zich houden en de andere wenst 2A zo snel mogelijk in België te hebben. Daarom wordt om praktische reden de officiële verhuisdatum en de overgang van Divisie en Brigade vastgelegd op 2 juni 1986.

Rekening houdend met al deze factoren  opteert de bataljonsstaf voor een verhuizing per batterij, samengaande met de data van de schietperiodes. Een schootsbatterij die uit  LÜDENSCHEID naar ELSENBORN vertrekt, zal niet meer terugkeren naar Duitsland maar doorreizen naar HELCHTEREN. Voor de StD – batterij wordt een verhuis in schijven voorzien, gedeeltelijk vanuit LÜDENSCHEID en voor een ander deel vanuit ELSENBORN. In het kwartier IJZER moet een achterwacht de overgave van de gebouwen uitvoeren. De families zullen gespreid over een langere periode naar België verhuizen.

Uiteindelijk wordt onderstaande timing uitgewerkt voor 1986:

27 januari: Algemene verkenning van het Kwartier HELCHTEREN en bepalen van de inplanting.
28 januari: Begin van de installatiewerken.
03 maart: Aankomst van de voorwacht in HELCHTEREN.
05 maart: Laden van trein I (9 wagons) met meubels en materieel B – Batterij
10 maart: Schietperiode B – Batterij in ELSENBORN.
Lossen van trein I in LEOPOLDSBURG
12 maart: Verhuis langs de baan van materieel B – Batterij en deel van StD – Batterij
19 maart: Aankomst en installatie B – Batterij in HELCHTEREN.
BijComd : Kapt Paul DIRIX
22 maart: Vertrek laatste elementen 8Li en overname kwartierdiensten door 2A
07 april: Laden meubels en materieel StD – Batterij
14 april: Verhuis langs de baan van dit materieel.
Openen van een beperkte bataljonsstaf in HELCHTEREN
01 mei: Laatste “ MARS IN MEI” in LÜDENSCHEID en afscheidsreceptie voor stad en garnizoen.
06 mei: Afscheidsplechtigheid van de 4de PsInf Bde in SOEST
07 mei: Laden trein II ( 15 wagons) met meubels en materieel A-Batterij en StD – Batterij.
10 mei: Schietperiode A – Batterij in ELSENBORN
Verhuis langs de baan van materieel StD – Batterij
14 mei: Lossen trein II te LEOPOLDSBURG
17 mei: Aankomst en installatie A – Batterij in HELCHTEREN
BijComd: Kapt Marcel BUNKENS
Aankomst en installatie StD – Batterij in HELCHTEREN
BijComd: Kapt Roger MAGGEN
22 mei: Verhuis van de Basic Load Aie Mun naar het Regionaal Munitiedepot van ZONHOVEN door de 261 Cie Mun.
26 mei: Aankomst van de achterwacht in HELCHTEREN
02 juni: Officiële mutatiedatum voor alle personeel.
06 juni:  Eerste parade van het verzameld 2A in HELCHTEREN.
1 mei 1986 Ludenscheid - Laatste Mars in Mei
1 mei 1986 Ludenscheid – Laatste Mars in Mei

De ganse operatie zal ruim drie maanden duren. Behalve de eigen middelen worden 2 extra treinen met 24 gesloten wagons en een tiental vrachtwagens van de 10de Cie Tpt ingezet.

De verhuis van de families begint reeds in januari 1986 ( familie ROOZE) en op 4 september 1986 vertrekt de laatste familie ( familie VAN LOO) uit LÜDENSCHEID. Dank zij eigen prospectie en met de hulp van privé-initiatief heeft elke familie een woning kunnen vinden in België, al dan niet in de buurt van de kazerne. Daarbij zijn slechts enkele CDSCA-woningen kunnen betrokken worden en van de beloofde nieuwbouw is nooit iets terecht gekomen.

Deze gigantische operatie werd uitgevoerd zonder één enkel ongeval en met slechts één enkele panne, binnen de gestelde termijnen. De coördinatie door de “ VERHUISSTAF” mag dan ook als voorbeeldig bestempeld worden.  Door de aanwezigheid van een verbindingsman van 2A ( AdjtChef Louis VRANCKX – AS4) aan de grens verloopt de afwikkeling  er vlot en zonder problemen. Alleen de overbrenging van de rupsvoertuigen van de A – Batterij verloopt niet zoals gepland. Wegens een dagenlange staking bij de NMBS rijden er geen treinen en de Staf van de 1ste PsInfBde beslist haar ruspvoertuigen naar huis te halen langs de baan. Behalve de M109A2 van 2A zijn dat ook alle rupsvoertuigen van de Brigade die in het kamp van VOGELSANG waren. Op enkele gesneuvelde boordstenen na, verloopt ook deze operatie vlekkeloos.

Vermeldenswaard is ook de inspanning die geleverd wordt door de plaatselijke afdeling van 4KDR in HELCHTEREN. In een mum van tijd worden een nieuwe munitieopslagplaats bijgebouwd; een opwarmkeuken en een mess voor onderofficieren ingericht en een aantal lokalen omgebouwd tot een bar voor de vrijwilligers.

De ruime informatiecampagne, die vanaf het begin van de verhuizing gevoerd werd, werpt ook zijn vruchten af. Elk actief personeelslid bekomt een degelijke brochure, opgesteld door de dienst SCV, waarin alle informatie over het leven in België en de te vervullen formaliteiten vermeld zijn. Hierdoor verloopt de aanpassing redelijk vlot en komt niemand voor grote verrassingen te staan. ( In het kader van de grote verhuizing bij REFORBEL 1992 zal het 1(BE) Corps dit initiatief overnemen. – NVDR)

Het is dan ook met een zichtbaar genoegen dat LtKol SBH Joris UYTERHOEVEN op 6 juni 1986 zijn bataljon terug verzameld ziet in HELCHTEREN en hen feliciteert voor de geleverde inspanningen. Hij wenst ook alle nieuwelingen een vlotte integratie in 2A toe en vooral veel genoegen in hun nieuwe werkkring.

Na veertig verblijf bij de BSD is 2A terug in BELGIE!

 

150 jaar 2A
150 jaar 2A

Het lijkt ons gepast op deze plaats even wat achtergrondinformatie te geven over de situatie van de veldartillerie in het algemeen en van 2A in het bijzonder bij de beslissing om te verhuizen.

Bij het in gebruik nemen van de houwitser 105mm M108 in 1964 worden enkel de VA-bataljons van de Brigades uitgerust met dit nieuwe wapen. De eenheden van de divisie –artillerie kregen de houwitser 155mm M109 toebedeeld. Van dan af zijn de artilleriebataljons NIET meer gelijkwaardig, zowel wat organisatie als vuurkracht betreft. Dit gegeven heeft uiteraard invloed op hun affectatie, maar die gebeurt niet altijd even logisch. Zo bevindt zich te SOEST bij de eenheden van de 4de PANTSERINFANTERIEBRIGADE ook het 6A (M109). De opdracht van artilleriebataljon Brigade wordt evenwel uitgevoerd door 18RA (M108) dat sinds 1969 in … BRASSCHAAT is gelegerd!

Aan deze toestand wordt enigszins verholpen als 2A de verhuis van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE naar LEOPOLDSBURG niet volgt en wat dichter bij SOEST schuift, in LÜDENSCHEID. Het ruilt zijn opdracht met 18RA!  Als in 1977 de 7de PANTSERINFANTERIEBRIGADE naar MARCHE-en-FAMENNE verhuist, wordt de toestand er niet beter op. 1Div heeft nu immers een deel van zijn artillerie in België, een ander deel zit nog in Duitsland.

Door de modernisering van de VA zijn vanaf 1985 alle veldartilleriebataljons opnieuw gelijkwaardig; zij hebben dezelfde organisatie en hetzelfde materieel. STAF/LM voert nu, zonder veel financiële en sociale problemen,  een herverdeling van de opdrachten en van de inplanting door, die ons als meer logisch overkomt:

– 1A in BASTOGNE             VA-bataljon 7PsInf Bde ( MARCHE)

– 2A in HELCHTEREN       VA-bataljon 1PsInf Bde (LEOPOLDSBURG)

– 6A in SOEST                   VA-bataljon 4PsInf Bde ( SOEST)

– 19Ach in SIEGEN             VA-bataljon 17 PsBde (SIEGEN)

De eenheden van de divisie-artillerie bevinden zich in:

            -17RA in ALTENRATH voor 16 Div (BSD)

            -18RA in BRASSCHAAT voor 1 Div ( BELGIE)

Bij de Corpsartillerie zijn er geen wijzigingen; 3A (LANCE) blijft in SPICH en 20A (M110) blijft in WERL. Vermits nu alle artilleriebataljons nucleaire capaciteiten hebben, verdwijnen de zogenaamde “ NUCLEAIRE PELOTONS” en wordt het 73A – BATTERIJ SPECIALE MUNITIE – opgericht in SOEST.

Er zijn zeker nog andere overwegingen die een rol hebben gespeeld om 2A aan te duiden voor de verhuizing naar HELCHTEREN. Van Duitse zijde werd immers al enkele jaren aangedrongen om het kwartier HELLERSEN in LÜDENSCHEID te ontruimen. Deze kazerne leunt aan tegen het regionale ziekenhuis en belemmert de expansie ervan. Door het vertrek van 2A komt in het kwartier IJZER ruimte vrij om, zonder veel kosten, de Logistiekers onder te brengen. Ook de geplande uitbreiding van het Voorwaartse Voertuigenpark; de omschakeling van 2JP op LEOPARD-tank; de beperkte trainingsmogelijkheden op STILLEKING en het plaatsgebrek in de kazerne IJZER wel een rol hebben gespeeld. Daarenboven zouden in HELCHTEREN de kwartierlasten voor een tot compagnie gereduceerd 8Li onhoudbaar zijn geworden. Al deze bedenkingen samen verrechtvaardigen – ons inziens – de aanduiding van 2A om te verhuizen. Op de compagnies Gevechtsgenie na zijn nu alle eenheden van de 1Div gelegerd in België.

 1986: TERUG IN BELGIE

Veel tijd om op adem te komen krijgen de artilleristen van 2A niet…Na de afscheidsplechtigheden in LÜDENSCHEID op 2 mei 1986 en in SOEST op 6 mei 1986, wordt het bataljon officieel ontvangen in de schoot van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE in LEOPOLDSBURG op 16 juni 1986. 

2A is nu terug bij de brigade waartoe het sedert zijn aankomst bij de BSD in 1946 tot in 1972 onafgebroken heeft behoord. Behalve de compagnie Gevechtsgenie (68 Gn) zijn nu alle eenheden van de Brigade verenigd in de streek van LEOPOLDSBURG – HELCHTEREN.

Op 21 juli 1986 stapt de A – Batterij reeds mee op in het defilé van de troepen te voet in BRUSSEL, ter gelegenheid van de Nationale Feestdag. De B – Batterij dendert met haar stukken voorbij de Koning en de talrijke toeschouwers.

De Regimentsfeesten viert 2A op vrijdag 29 augustus 1986. Het is pas de tweede maal dat deze feesten in België doorgaan; de eerste keer was in 1968 te LIER. Met de bedoeling de nieuwe bewoners van het kwartier HELCHTEREN aan de bevolking voor te stellen, worden de kazernepoorten wijd open gezet en is er ook een statische tentoonstelling van het militair materieel. 2A zet daarmee de tradities voort die reeds enkele  jaren terug in LÜDENSCHEID werden ingevoerd. Talrijke familieleden van de miliciens ( waarvan velen uit de nabije omgeving komen ) en vele oud – gedienden komen nieuwsgierig een kijkje nemen en zorgen ervoor dat de organisatoren enigszins overrompeld worden. Maar het contact met de Natie is op een schitterende wijze hersteld….

Het eerste Regimentsfeest in Helchteren
Het eerste Regimentsfeest in Helchteren

Reeds aan het einde van vorig hoofdstuk schreven wij dat 2A – opgericht op 26 februari 1836 – in 1986 zijn 150-jarig bestaan  viert en waar zou dat beter kunnen dan in de peterstad LIER. Op zondag 31 augustus 1986, in de namiddag, treden de pelotons en de Standaard van 2A aan op de  Grote Markt in LIER. LtGen DEPOORTER, commandant van het 1(BE)Corps en OBBSD zit de plechtigheid voor. Naast toespraken door de korpscommandant en de burgemeester van LIER, senator Maurits VAN HOUTTE, worden geschenken uitgewisseld. 2A krijgt zelfs een  nieuwe mascotte, een rasechte bruine geitenbok, die als MODEST VIII door het leven zal gaan. Omdat zijn voorganger, om dierengeneeskundige reden, zijn eenheid niet kon volgen naar Belgie had 2A op dat ogenblik geen mascotte meer. Een bijzondere attractie op de plechtigheid is de aankomst van de estafetteploeg van 2A en van de atletiekvereniging TOEKOMST (AVT), die het traject LIER – HELCHTEREN die dag al lopend hebben afgelegd. Met een defilé door de stad; een bloemenhulde aan het monument van 2A in de kazerne DUNGELHOEFF; een receptie in de feestzaal aldaar en een rijkelijk koud buffet wordt dit heuglijke feest besloten.

De Commandant van het 1 (BE) Corps en OBBSD, Lt Gen DEPOORTER, zal trouwens  na het weekeinde, op maandag 1 september 1986, een bezoek brengen aan 2A in zijn nieuwe installaties.

Ondertussen wordt volop werk gemaakt van de integratie. Dat betekent niet enkel wennen aan het leven in België, maar ook contacten leggen met gemeentelijke, provinciale en andere overheden. Het betekent vooral ook heraanknopen met het sociaal engagement dat 2A steeds getoond heeft. Reeds kort na de aankomst in HELCHTEREN aanvaardt 2A het peterschap over het dag- en onthaalcentrum voor volwassen mentaal – gehandicapten “ ’T WEYERKE” uit HEUSDEN – ZOLDER. In 1984 had 8Li deze instelling onder zijn hoede genomen, maar door de hervormingen en de verhuis naar LEOPOLDSBURG, was deze eenheid niet meer in staat zich nog volop te engageren. 2A neemt, geheel in de lijn van zijn sociaal engagement, deze taak nu over. ( Zie hierover bijlage K – NVDR)

Integreren betekent ook  – zeker voor een eenheid in België – deelnemen aan allerlei opdrachten in het kader van de hulp aan de Natie. Zo zijn er ondermeer:

  • de bewakingsopdrachten aan de kerncentrale van DOEL;
  • de bewakingsopdrachten aan het atoomcentrum in MOL;
  • de beveiligingspatrouilles op de vlieghaven van ZAVENTEM;
  • het beveiligingspeloton bij eventuele vliegtuigongevallen;
  • de erewacht aan de Koninklijke Paleizen in BRUSSEL en LAKEN;

In het kader van  “REFORGER- oefeningen” van de NAVO en de “ HOST NATION SUPPORT” komen daar nog bewakingsopdrachten bij in de haven van ANTWERPEN. En dan is er ook nog de deelneming van detachementen van 2A aan vaderlandse plechtigheden tijdens de herdenking van de Wapenstilstand of de aanwezigheid van elementen van 2A op de “ DAG VAN DE LANDMACHT” of op sommige jaarbeurzen.  2A  zal ook gastheer zijn van scholen en bezoekersgroepen in het eigen kwartier. Tijdens de vakantiemaanden  wordt zelfs een deel van het terrein ter beschikking gesteld van jeugdgroepen voor hun zomerkampen. Al deze activiteiten komen boven op de trainingen en oefeningen; zij zijn soms wel belastend, maar zijn anderzijds een welkome afwisseling in het dagelijkse leven van het bataljon.

Ofschoon het bataljon zelf geen oefeningen op zijn programma heeft in 1986, neemt de A – Batterij toch deel aan de FTX “ CROSSED SWORDS” van 8 tot 20 september 1986, in de schoot van haar Waalse collega’s van 1A.

Op de technische inspectie “CORLOG” van 5 november 1986 haalt het bataljon een zeer goed resultaat.

Het gedenkwaardige jaar 1986 is voorbij: 2A is weer “ thuis” en klaar voor nieuwe opdrachten. In de volgende jaren zullen internationale en nationale gebeurtenissen een belangrijke rol gaan spelen in de geschiedenis van het bataljon!

150 jaar Veldartillerie
150 jaar Veldartillerie

1988

HERVORMINGEN OP TIL

Op de eerste werkdag van het nieuwe jaar 1988  is er een nieuwjaarsdronk voor het aanwezige personeel. Nog in dezelfde maand gaat van 19 tot 21 januari 1988 de CPX “ FIFTH WHEEL” door. Dit is een oefening om de samenwerking tussen infanterie en artillerie te testen, waarbij 2A helemaal niet het vijfde wiel aan de wagen is.

De “ WEEK VAN DE SOLDAAT” wordt gekruid met een bezoek, per batterij, aan de peterstad LIER.

Op 20 april 1988 eindigt de crossploeg van 2A vierde op de “CROSS PIRON” in WEIDEN in een tijd van 11’54”4/10.

Op vrijdag 20 mei 1988 gaan de Regimentsfeesten door in het kwartier. Hierop zijn ook de families van de militairen uitgenodigd. Zij worden ontvangen in de verschillende batterijen. Tijdens de militaire plechtigheid ontvangt de StD – Batterij, onder het commando van 1Lt Benny FUCHS, maar liefst TWEE trofeeën: de SCHAAL VAN DE STAD LIER voor de beste resultaten op administratief en logistiek gebeid en de SPORTBEKER 2A voor de overwinning in de interbatterij – sportcompetitie.

De “ OPENDEURDAG”  ’s anderendaags wordt opnieuw een echte happening en trekt een paar duizend belangstellenden. Blikvanger is nu de “ KAZERNEJOGGING” waaraan 130 lopers deelnemen.

Veertien dagen later, op 4 juni 1988, wordt er weer gejogd: een ploeg van 2A is opmerkelijk aanwezig op de “PALLIETERJOGGING” in de peterstad LIER.

Op de “ WEYERKESFEESTEN” van 3 juli 1988 overhandigt de korpscommandant een check van 100.000 BEF aan het dagcentrum voor mentaal – gehandicapten “ ’T WEYERKE” waarover 2A het peterschap heeft aangenomen in 1986.

Van 12 tot 23 september 1988 heeft in Noord – Hessen de FTX “ GOLDEN CROWN ” van het 1(BE) CORPS plaats. Deze oefening zal de laatste zijn van deze omvang. Terwijl in de Sovjet-Unie de “glasnost” en de “perestroika” steeds meer veld winnen, zien de Duitse burgers de vele maneuvers in hun streek ( vlak bij het Ijzeren Gordijn ) niet meer zitten. Zij betogen dan ook tegen de vele ongemakken van deze grootschalige oefeningen. In de “Landtag” van HESSEN  worden heftige debatten gevoerd. Vooral de enorme maneuverschade wordt zwaar op de korrel genomen. Deelnemende pantservoertuigen worden met graffiti beklad; colonnebewegingen worden door versperringen gehinderd   en overal in het maneuvergebied verschijnen affiches met de tekst: “ SCHLUSS MIT DEN KRIEGÜBUNGEN IN HESSEN “ ( Gedaan met de maneuvers in Hessen. – NVDR). De oefening wordt dan ook voortijdig afgeblazen.

Waarschijnlijk uit verdriet, omdat hij alleen in het kwartier moest achterblijven, sterft op  21 september 1988 de mascotte van 2A, de geitenbok MODEST VIII. Enkele maanden later zal de peterstad LIER voor een vervanger zorgen: MODEST IX

Het jaar 1988 wordt afgesloten  met een kampperiode in ELSENBORN van 16 november tot 9 december 1988. Het BARBARAFEEST wordt op een bijzondere wijze gevierd in het kamp: de ouders van de miliciens worden uitgenodigd en er heeft een wapenschouwing plaats, waarna er een gezamenlijk feestmaal volgt. De bataljonstest “ RED NICOLAUS ” toont eens te meer aan dat het bataljon klaar is voor zijn taak … En dit ondanks het feit dat het zijn korpscommandant moet missen wegens hartproblemen.

Overigens kwalificeert de voetbalploeg van 2A zich voor de finale van de voetbalcompetitie van de Krijgsmacht. Op het oefenplein van de HEIZEL moeten onze kanonniers evenwel de duimen leggen tegen de Rijkswachters van het MOBIEL LEGIOEN met 1 – 2.

1989

EEN REGIME STUIKT INEEN!

Het jaar 1989 zal andermaal een historisch jaar worden. Talrijke vernieuwingen en veranderingen zullen niet enkel de Krijgsmacht treffen, maar ook het uitzicht van Europa en de wereld veranderen.

Bij 2A worden de nieuwe vrachtwagens VOLVO geleverd in twee versies: open laadruimte met kraan (8 Ton) en de overdekte laadruimte met zitbanken (10 Ton). Het navigatiesysteem LANS doet zijn intrede in de topografie en ook de informatica blijft niet achter. Er komen elektronische rekentoestellen. En de eerste computer wordt geïnstalleerd.

Maar veel belangrijker zullen de politieke ontwikkelingen zijn in Oost – Europa. Het communistisch regime in de Sovjet – Unie stuikt in elkaar; het Warschau- pakt valt uiteen en in Berlijn wordt op 9 november 1989 de MUUR gesloopt.

In eigen land verplichten de bezuinigingsmaatregelen van de Regering ook Landsverdediging tot steeds grotere inkrimpingen. Het  “ PLAN CHARLIER”, Stafchef van de Krijgsmacht, voorziet in een vermindering van de effectieven met 20%; een herstructurering van de Krijgsmacht en een geleidelijke terugtrekking van alle eenheden uit DUITSLAND.  Dit laatste plan zal de naam “ REFORBEL” ( Retour des Forces en Belgique) meekrijgen.

Maar zover is het nog helemaal niet als de ploeg van 2A de derde plaats behaalt in de “ CROSS PIRON”, gelopen in SPICH, in een steeds betere tijd van 11’26”1/10, net achter 4TTR en 6A.

De Regimentsfeesten gaan door op 2 juni 1989. Als bijzondere attractie defileert de B – Batterij met al haar voertuigen. Op de “ OPENDEURDAG”, de dag nadien, zijn de vulgarisatieritten met het pantservoertuig CVR-T een onverhoopt succes. Vooral het jonge volkje amuseert zich aan boord van deze verkenningsvoertuigen. Opgemerkte gasten zijn, in hun oude uniformen, het “TROMPETTERSKORPS TE PAARD”  van de Rijkswacht uit BRUSSEL en de showdrumband “ LIBERTY” uit LIER. Ondanks het druilerige weer dagen die dag toch een kleine 4000 bezoekers op!

Een maand later, op 2 juli 1989, kan de korpscommandant andermaal een cheque van 100.000 BEF overhandigen aan de heer Guillaume VAN BILSEN, voorzitter van het “STEUNFONDS” van het Dienstencentrum “ ’ T WEYERKE” uit HEUSDEN-ZOLDER.

Op de Nationale Feestdag, 21 juli 1989, wonen HH.KK.HH. de prinsen FILIP en LAURENT het “TE DEUM” bij in HASSELT. 2A levert hiervoor het eredetachement met Standaard, onder bevel van de korpscommandant. De beperkte vaandelwacht nadien aan het stadhuis wordt bevolen door 1Lt Myriam MAURISSEN, de eerste vrouwelijk officier bij 2A!

Midden 1989 komt bij 2A het bericht toe dat de 68ste COMPAGNIE GEVECHTSGENIE, die deel uitmaakt van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE, maar nog steeds in WESTHOVEN (BSD) verblijft, naar België zal terugkeren in het kader van “REFORBEL” en gekazerneerd worden in HELCHTEREN.  Hierdoor zal de infrastructuur in het kwartier  opnieuw verdeeld worden; de MOBILISATIEKERN 21/3 zal daarvoor plaats  ruimen en het kwartier verlaten in mei 1990.

Een grote sociale verandering gaat in voege vanaf 1 september 1989. De beroepsmilitairen zullen voortaan nog slechts 38 uren per week mogen werken; overuren zullen gecompenseerd worden in geld en in tijd. Voor oefeningen en maneuvers gelden speciale regelingen.

Het neemt niet weg dat het jaar 1989 wordt afgesloten in galop:

  • van 18 tot 22 september 1989 gaat de CPX voor artillerie- eenheden “ HELL FIRE” door  in de streek van PADERBORN;
  • van  09 tot 13 oktober 1989 is er een FTX-bataljon in het kamp van VOGELSANG;
  • van 16 tot 20 oktober 1989 wordt dit nog eens herhaald op de WAHNERHEIDE
  • en  van 23 tot 27 oktober 1989 tenslotte is er nog een training in het kamp van ELSENBORN.

Dit allemaal als aanloop naar het bataljonskamp van 3 tot 17 november 1989 op het schietveld van MUNSTER – TRAUEN. Deze schietperiode zal worden afgesloten met een bataljonstest en een NBC-evaluatie op 15 en 16 november 1989. Tijdens de kampperiode wordt ook het veiligheidssysteem voor artillerievuren “ WARA” uitgetest.

De schietperiode zal echter niet op de gewone manier eindigen. In Oost – Duitsland wankelt het regime; er worden aarzelend versoepelingen in het reizen naar West – Duitsland toegestaan; op 9 november 1989 valt in BERLIJN de Muur en gaan de grenzen definitief open. Duizenden vluchtelingen overspoelen het Westen en rollen naar de vrijheid in hun puffende en stinkende TRABANTS ( TRABI’S). Het “LAGER TRAUEN zal een opvangcentrum voor deze vluchtelingen worden. 2A heeft er voorlopig de laatste schietoefeningen uitgevoerd…. Europa verandert van uitzicht…  

1990

GROTE VERANDERINGEN

De politieke veranderingen in Oost – Europa zullen ook in 1990 nog nazinderen en leiden tot een algemene herziening van de militaire inspanningen door ons land en zijn NAVO –partners.

De herstructurering van de Krijgsmacht, die in 1989 door het plan CHARLIER zijn schaduw reeds vooruit wierp, zal in 1990 een feit worden. De Generale Staf publiceert steeds meer en nauwkeuriger gegevens  over de afschaffing, samenvoeging en verhuizing van eenheden. De LANDMACHT zal zijn effectieven met ruim 20% moeten verminderen; op langere termijn zal bij de BSD nog slechts één brigade overblijven, die in de streek van KÖLN wordt gestationeerd. 2A zal door deze (eerste) herstructureringsplannen niet onmiddellijk getroffen worden; er wordt wel gewerkt aan een nieuwe OT.

Ook voor de dienstplichtingen verandert er in 1990 ook wat: zij krijgen  eindelijk hun nieuw statuut. Vooral de nieuwe verlofregeling en de ruimere verhaalmogelijkheden zijn de meest gewaardeerde elementen.

Op 9 februari 1990 bezoekt GenMaj Francis BRICQUEMONT, divisiecommandant, het kwartier en dineert er met de onderofficieren.

Tijdens de militaire plechtigheid van 22 februari 1990, naar aanleiding van de herdenking van de oprichting van 2A op 22 februari 1836, wordt BrigChef Jean CUYVERS aangesteld tot “KORPSBRIGADIER”.  In deze functie zal hij de beroepsvrijwilligers vertegenwoordigen  bij hun interne en externe relaties.

Aan de CPX “ FAST RUNNER” van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE op 3 en 4 april 1990 nemen de DLO-ploeg, het VLC en een logistieke cel van 2A deel.

Op 6 mei 1990 brengen de oud – gedienden van de C- Batterij (Klas 65) een opgemerkt bezoek aan 2A. Zij zijn de voorboden van een lange reeks bezoekers: miliciens van de klas 50; oud – strijders van LIER; Kring Reserve Officieren van KORTRIJK; Ziekenzorg DIEST; de klas 49, enz… Ook talrijke scholen vragen steeds meer een bezoekje aan bij 2A, waar ze meestal met open armen worden ontvangen.

De jaarlijkse “OPENDEURDAG” op 19 mei 1990 trekt, begunstigd door een mooi zomers weertje, ruim 4000 bezoekers aan. Naast luchtdopen en valschermsprongen zijn er ook demonstraties van boogschieten, trial met motoren, hondendressuur en de “ KAZERNEJOGGING”. Het wordt een geslaagd spektakel, waaraan ook de lokale pers  ruime aandacht besteedt.

Op de herdenkingsplechtigheid van de “ SLAG AAN DE LEIE 1940” in KORTRIJK op 27 mei 1990 is ook de Standaard van 2A aanwezig, gedragen door 1Lt Didier SPELEERS.

Tengevolge van de gebeurtenissen in Roemenië in december 1989, waarbij een ander dictatoriaal regime werd omvergeworpen, besluit het 1(BE)CORPS  een Roemeens weeshuis te adopteren. De keuze valt op het tehuis in DUMITRESTI  en alle eenheden worden verzocht er hun medewerking aan te verlenen. Er wordt niet enkel materiële hulp voorzien, maar de eenheden krijgen ook het peterschap over een aantal weesmeisjes.

Voor 2A zijn dat Maricia (9) en Liliana (13) VIRLAN. Later zullen deze kinderen ook een veertiendaagse vakantie bij hun “peters” doorbrengen.

De schietperiode van de B – Batterij in het kamp van ELSENBORN van 13 tot 22 juni 1990 wordt afgesloten met een geslaagde batterijtest.

Op 29 juni 1990 geeft LtKol SBH Hendrik DEPAUW het bevel over 2A over aan LtKol Emiel VAN PUT. Dit gebeurt in het kader van de Regimentsfeesten, die daarmee losgekoppeld worden van de opendeurdag.

Reeds twee dagen later, op 1 juli 1990, mag de nieuwe korpscommandant een cheque van 100.000 BEF overhandigen aan de heer VAN BILSEN op de jaarlijkse WEYERKESFEESTEN, waaraan het bataljon andermaal zijn medewerking verleent.

Op de militaire atletiekkampioenschappen in het Duinenstadion van HECHTEL haalt SdtMil HERTOGS van 2A de titel in het discuswerpen, met een worp van 38, 72 meter.

Een detachement M109A2 van 2A rijdt mee in het militair defilé in BRUSSEL ter gelegenheid van de Nationale Feestdag op 21 juli 1990.

Na de B – Batterij in juni, is van 17 tot 28 september 1990 de A – Batterij aan de beurt voor een batterijkamp met batterijtest in ELSENBORN.

In de peterstad LIER gaat op 30 september 1990 en op 7 oktober 1990 de 25 – jaarlijkse “SINT GUMMARUSSTOET” uit. Een sectie “ HELLEBARDIERS” van 2A opent deze stoet en ook in andere taferelen zullen figuranten van 2A optreden.

Zoals hierboven reeds aangekondigd, raakt in oktober 1990 definitief bekend dat de 68ste COMPAGNIE GEVECHTSGENIE uit WESTHOVEN midden 1991 in het kader van REFORBEL zal verhuizen naar het kwartier HELCHTEREN. Zij zullen de gebouwen bezetten die door MK 21/3 ontruimd worden. In het kwartier starten een aantal aanpassingswerken. Twee paviljoenen ( P2 en P7) worden omgebouwd tot resp; burelen en logement kader. Tevens wordt een bijkomende logementsblok ( B9) ingericht. Hierdoor kan een halve blok  (B10) integraal worden voorbehouden voor het vrouwelijk personeel.

Het monument van de 68ste Gevechtsgenie
Het monument van de 68ste Gevechtsgenie

Ook geraken de eerste namen bekend van militairen, die in het kader van de herstucturering, zullen muteren van de BSD naar 2A.

Van 19 tot 23 november 1990 organiseert de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE een CPX “ LAST TANGO” in West – Limburg, waaraan ook 2A deel neemt.

Op donderdag 29 november 1990 heeft opnieuw een historische gebeurtenis plaats bij 2A. Voor het eerst komt een delegatie Russische officieren uit het voormalige WARSCHAU – PAKT een controle – inspectie  CFE uitvoeren. De bedoeling is het aantal vuurmonden te tellen bij de NAVO-legers. Daarbij moeten ook alle deuren, die breder zijn dan 2 meter, voor de inspecteurs geopend worden. Zelfs de oude kanonnen 25 Pdr, die het kwartier sieren, ontsnappen niet aan de aandacht van de Russische officieren. Gelijkaardige inspecties, door NAVO – inspecteurs, hebben ook plaats in de staten van het voormalige Warschau – pakt.

Op 4 december 1990 viert de artillerie naar jaarlijkse gewoonte haar patroonheilige, BARBARA. Tijdens de militaire plechtigheid op die dag bij 2A ontvangt Adjt – Chef LOUIS VRANCKX, als eerste militair van 2A, de “ MILITAIRE MEDAILLE VAN VERDIENSTE” als blijk van erkentelijkheid voor zijn inzet als militair en voor zijn 33 jaren onafgebroken bij 2A.  Tijdens diezelfde plechtigheid  plant schepen Jan HENDRICKX van LIER een “koningslinde” op het paradeplein ter gelegenheid van het jubileum “ BOUDEWIJN 60/40”. Tenslotte zal in de blok A8 het vernieuwde informatiecentrum van de dienst SCV worden ingehuldigd.

Adjt-Chef Louis Vranckx ontvangt de allereerste "Militaire Medaille van Verdienste" bij 2A
Adjt-Chef Louis Vranckx ontvangt de allereerste “Militaire Medaille van Verdienste” bij 2A

Daarmee wordt een jaar afgesloten dat bol stond van politieke veranderingen in Oost en West. Veel wat in 1990 is begonnen, zal in de volgende jaren voltooid worden. Maar in de Balkan zullen zich nieuwe onweerswolken samenpakken…..

1991

NIEUWE BUREN – ANDERE TAKEN!

Terwijl in Oost – Europa het ene communistisch regime na het andere valt; de Sovjet – Unie uit elkaar spat in onafhankelijke en deelrepublieken en een opkomend nationalisme steeds nieuwe conflicthaarden doet ontstaan, groeit Oost-  en West – Duitsland steeds dichter in elkaar. De sporen van een jarenlange scheiding worden in ijltempo uitgewist. De dreiging uit het oosten is weggevallen, de NAVO zoekt  nieuwe opdrachten en lonkt naar het Oosten. Op talrijke studiedagen spreekt met steeds meer over “ PEACE – KEEPING” en over “ RAPID REACTION FORCE”.

In de ijzige koude van januari 1991 organiseert de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE een TACONEX- oefening “ RAPID REACTION” in het kamp van VOGELSANG. Aan deze oefening nemen ook de DLO – ploeg en controle – organen van 2A deel. De oefening zelf bestaat uit het concreet invullen van de afspraken die zijn gemaakt tijdens de verschillende studiedagen over buitenlandse opdrachten.

Van 4 tot 11 februari 1991 levert 2A de logistieke steun en de “targets” voor de FAC – oefening “ CELTIC DANGER” in ELSENBORN. Het gure en ijzige winterweer maakt een voortijdig einde aan deze oefening.

Op 15 maart 1991 wordt op het domein “ DOMHERENHOF” in HEUSDEN-ZOLDER het nieuwe dienstencentrum “’T WEYERKE” geopend. 2A heeft logistieke steun verleend bij de verhuis van zijn petekind en een delegatie van het bataljon woont dan ook de openingsceremonie bij.

“ RALLYE MIDDEN LIMBURG” is de naam die de bataljonsstaf heeft gekozen voor een vijfdaagse droppings- en uithoudingsoefening, die doorgaat van 18 tot 21 maart 1991 in de driehoek HELCHTEREN, GENK, HASSELT.

Van 2 tot 5 april 1991 is er een nieuwe  TACONEX van de Brigade gepland. Deze oefening “ SPLENDID REACTION” gaat door van 2 tot 5 april 1991 in de KEMPEN. Sinds januari heeft men dus blijkbaar al veel bijgeleerd….  Ook nu zijn DLO en LCO van 2A van de partij.

Een goede week later, van 15 tot 25 april 1991, is het bataljon in ELSENBORN voor een oefen- en schietperiode.

In SPICH wordt op 30 april 1991 de “CROSS PIRON NEW LOOK” gelopen. De ploeg van 2A eindigt als vijfde van dertien deelnemers met een tijd van 12’52”

De Regimentsfeesten gaan door op vrijdag 24 mei 1991 en worden gevolgd door de “OPEN DEURDAG” op zaterdag 25 mei 1991. Ondanks het druilerige weer wordt deze dag andermaal een groot succes. Uit LIER komt een volle autobus bezoekers samen met de showdrumband “ LIBERTY”

Ondertussen installeert zich de 68ste COMPAGNIE GEVECHTSGENIE in het kwartier. Aanvankelijk zijn er wat problemen met de inwendige dienst, die niet op mekaar is afgestemd. Ook over de beschikbare ruimte en het gebruik van de lokalen is  nog enige discussie, maar uiteindelijk geraakt alles in goede banen. Met de komst van deze onafhankelijke eenheid is de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE nu herenigd en zijn al haar eenheden gestationeerd in België ( LEOPOLDSBURG en HELCHTEREN). Het depot AMF, dat nog een paar loodsen bezette achteraan in de kazerne, wordt ontruimd.

Op 29 juni 1991 verleent 2A zijn medewerking aan de “ ROEFELDAG”.  Dit is een initiatief dat uitgaat van de Koning Boudewijnstichting en waarbij kinderen uit de lagere scholen de voor hen ongewone taken van een volwassene mogen uitvoeren000. In de kazerne betekent dat dolle pret tijdens het rondrijden met een pantservoertuig….

’s Anderendaags overhandigt de korpscommandant een cheque ter waarde van 125.000 BEF aan het Dienstencentrum “ ’T WEYERKE” tijdens een gevarieerde namiddag op de WEYERKESFEESTEN.

Begin augustus 1991 komen de Roemeense weeskinderen, Maricia en Liliana VIRLAN, waarover 2A het peterschap heeft aanvaard in het kader van de actie “ DUMITRESTI”, op bezoek. Zij verblijven achtereenvolgens een week bij de korpscommandant en bij Maj V. TIELENS, tweede commandant.

Van 9 tot 20 september 1991 is het bataljon opnieuw in het kamp van ELSENBORN voor een schiet- en oefenperiode. Tijdens deze kampperiode is er ook in ELSENBORN een CFE- inspectie, ditmaal uitgevoerd door Hongaarse officieren.

Einde  september 1991 wint een Lierse selectie met 2 – 1 de vriendschappelijke voetbalwedstrijd tegen een ploeg van het kader 2A. Winnaars en verliezers ontmoeten elkaar nadien in een gezellig samenzijn, waarbij een smakelijke tafel niet mag ontbreken.

In oktober 1991 is er weer een grote nieuwigheid. Voor het eerste trekt de Belgische artillerie op schietkamp naar Frankrijk. Van 17 oktober 1991 tot 5 november 1991 richt de Sec Aie van het 1(BE) Corps een kampperiode in het oefenkamp van SUIPPES in. Dit kamp is gelegen op ruim 100 Km ten zuiden van SEDAN in het departement CHAMPAGNE-ARDENNES en biedt door zijn uitgestrektheid en zijn structuur enorme mogelijkheden. De bungalows bieden voor de artilleristen wel niet het comfort dat ze in ELSENBORN gewoon zijn en het kampcommando werkt met de “Franse slag”, maar uiteindelijk valt het allemaal nogal mee…    2A verblijft in het kamp samen met de collega’s van 17RA uit ALTENRATH en de batterij VA PARA- CDO uit BRASSCHAAT. Het bataljon krijgt de ondankbare taak toegewezen  om er de gemeenschappelijke huishouding te runnen en de verschillende kantines te bevoorraden en te beheren. Gezien de intensieve oefeningen met vroege en late uren, is dit bijna een 24-uren dienst, de klok rond.

Voor het bataljon wordt de schietperiode afgesloten met de bataljonstest “ JOLY JUMPER”, die eens te meer geslaagd is. Het gros van het bataljon kan nog net op 31 oktober 1991 terug thuis geraken in HELCHTEREN. Voor de achterwacht zit er niets anders op dan het lange weekeinde van 1 tot 3 november 1991 in het kamp te verblijven en de nagels te verbijten…

Op 8 november 1991 vindt een bewoner van de Eikelbosstraat in HELCHTEREN, in een schuurtje naast zijn woning, het verhangen lichaam van SdtMil Eric MAURISSEN ( A – Batterij). Uit het onderzoek blijkt dat MAURISSEN zijn wachtpost heeft verlaten en na een omzwerving in de buurt, uiteindelijk de hand aan zichzelf heeft geslagen. Een intense zoektocht naar zijn verdwenen wapen blijft aanvankelijk vruchteloos; het wordt pas maanden later teruggevonden in een plantsoen binnen het kwartier. Ofschoon het hier een duidelijk geval van zelfmoord betreft, ontketent een bepaalde pers een lastercampagne, daarin gesteund door de ouders van het slachtoffer. Zij weigeren overigens een begrafenis met militaire eer, zoals het leger die aanbood.

De CPX – BRIGADE “ FIRST TANGO” van 18 tot 22 november 1991 is de “maiden – trip” van de nieuwe Brigadecommandant, Kol SBH MAES. De oefening verzuipt letterlijk in de regen en de brigadecommandant is zo getroffen door de erbarmelijke omstandigheden waarin de soldaten de regen moeten trotseren, dat hij vraagt naar een adequate regenkledij…

1992

REFORBEL, BELBAT en ANDERE…

 

De dienst SCV en het secretariaat slaan bij het begin van het jaar 1992 de handen in elkaar en brengen een erg ludieke jaarkalender uit. Elke maand wordt gesierd door een karikatuurtekening van een bekende militair van 2A, van korpscommandant tot bediende.

Op de nieuwjaarsreceptie van 9 januari 1992 pleit LtKol  E. VAN PUT voor meer begrip ten overstaan van de militairen en meer aandacht voor de problemen die zij blijkbaar hebben. Hij breekt ook een lans voor een goede verstandhouding met de burgers.

Van 13 tot 24 januari 1992 is de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE op oefening. in het vrieskoude VOGELSANG . 2A zorgt er voor een opgemerkte primeur: het levert aan BATALJON BEVRIJDING een peloton “ MORTIEREN”. En dat de omschakeling als geslaagd  mag beschouwd worden, bewijst de lof die de korpscommandant van BEVRIJDING achteraf stuurt.

In het kader van de vernieuwde aanpak van de dienstplichtigen verwelkomt 2A de nieuwe lichting van de A – Batterij op 1 april 1992 . Daarbij zijn ook de ouders en familie van de rekruten uitgenodigd. Er is een ontvangst en een rondleiding in de kazerne. Met een gezamenlijk middagmaal wordt afscheid genomen van de burgers…

Van 6 tot 17 april 1992 verblijven de B – Batterij en een deel van StD – Batterij in het kamp van ELSENBORN. Na meerdere “dry”- en schietoefeningen wordt de periode afgesloten met een geslaagde batterijtest.

Van 27 tot 30 april 1992 is er in de streek van HELCHTEREN  een 104 – urenoefening te voet. Uitgangspunt is een bataljonsbivak op SONNNISHEIDE.

Op zaterdag 23 mei 1992 gaat de “ OPENDEURDAG” in het kwartier door, voor de eerste keer met deelneming van de nieuwste bewoners, 68ste COMPAGNIE GEVECHTSGENIE. Er is geen kazernejogging meer, maar er zijn nu meer dynamische demonstarties en sportieve evenementen voorzien. Bijzondere publiekstrekker is het bezoek van voetballegende, Jean-Marie PFAFF, die in het shirt van 2A kruipt. Hij toont enkele keepertrucs, speelt één helft met een schoolploeg tegen de voetbalploeg van 2A en wint deze met 3 – 1! Vanuit zijn blitse car deelt hij talloze handtekeningen uit.. De dag wordt afgesloten met een heerlijke gastronomische maaltijd in de feestzaal van het kwartier.

De Regimentsfeesten  gaan dit jaar door in LIER. Het is immers dertig jaar geleden dat deze stad het peterschap over 2A heeft aanvaard. In het kader van de stadsfeesten “ LIER KERMIS” heeft op 18 juni 1992 op de Grote Markt een wapenschouwing plaats, die door een paar fikse regenbuien wordt geplaagd. Na een defilé door de stad gaat  op de binnenkoer van de kazerne DUNGELHOEFF een gezamenlijke barbecue door.. Het is er nogal fris, maar gelukkig is er nog het WK – voetbal op televisie om iedereen op te warmen…

Ter gelegenheid van de “ DAG VAN DE LANDMACHT” is er in het  kamp van BEVERLO op 27 en 28 juni 1992 een grote tentoonstelling van militair materieel. Deze tentoonstelling wordt plechtig geopend door ZKH Prins FILIP. Op 27 juni 1992 is er ’s avonds een grote militaire taptoe waaraan  Franse, Duitse, Britse, Poolse en Belgische muziekkapellen hun medewerking verlenen. 2A krijgt de materiële organisatie  van deze taptoe toegewezen en staat ook in voor de begeleiding van de verschillende muziekkorpsen. Duizenden bezoekers beleven een mooie muziekavond met enkele muzikale hoogstandjes en prettige intermezzi.

Datzelfde weekend komen een paar honderd kinderen stoeien in de kazerne op de “ ROEFELDAG” en mag het Dienstencentrum “ ’T WEYERKE” rekenen op de hulp en de steun van 2A bij zijn jaarlijkse “ WEYERKESFEESTEN “

Op 15 juli 1992 wordt 2A aangeduid om een eredetachement te leveren aan het Egmontpaleis in BRUSSEL voor het staatsbezoek van de Chileense president, señor P. AYLWIN AZOCAR.

Van 19 tot 22 augustus 1992 stappen naar goede gewoonte een aantal militairen van 2A mee op in de “VIEERDAAGSE VAN DE IJZER” Onder bevel van 1Lt Robert MULKENS telt de ploeg dit jaar 17 deelnemers.

De tweede helft van 1992 zal in het kwartier HELCHTEREN helemaal anders verlopen dan wat gewoon is. Zowel BELBAT als REFORBEL worden werkelijkheid.

Nadat reeds einde 1991 duidelijk werd dat België zal deelnemen aan de UNO-opdrachten “UNPROFOR – United Nations Protection Force “ in ex-Joegoslavie, wordt begin 1992 de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE aangeduid om de eenheden te leveren voor BELBAT 2 in de BARANJA.

De BARANJA is een deel van het Kroatische Oost-Slavonië, dat sinds het begin van de oorlog in JOEGOSLAVIE bezet is door opstandige “Volksserviërs”. Het ongeveer driehoekig gebied grenst in het Noorden en Westen aan HONGARIJE,  in het Oosten scheidt de DONAU en in het Zuiden de DRAVA het gebied af van de rest van Joegoslavië. De opdracht van BELBAT, dat opereert onder mandaat van de VN, bestaat er in de verschillende VN-resoluties te doen toepassen; de toegangen tot het gebied via de bruggen van BATTINA en van BILJE te controleren en bewakings- en patrouilleopdrachten uit te voeren langs de contactlijn. Ruim 600 militairen uit verschillende eenheden zullen voor deze opdracht worden ingezet.

In de provincie LIMBURG, die wat vorm betreft enige gelijkenis vertoont met de BARANJA, oefenen zij maandenlang de ROE ( Rules Of Engagement) in. Een synthese-oefening voor alle deelnemers “ BLUE BARANJA” sluit deze voorbereiding af. Midden oktober vertrekken de eerste compagnies om hun collega’s van BELBAT 1 te gaan aflossen.

Belbat 2 Baranja- Korazac Werken aan de verdedigingsmuur
Belbat 2 Baranja- Korazac Werken aan de verdedigingsmuur

2A moet één peloton in versterking leveren aan de DELTA-Compagnie, geleverd door 2L. Het vertrek is voorzien voor einde december 1992 . De opdracht aanvankelijk voorzien voor ZES maanden wordt teruggebracht op VIER maanden. Het peloton staat onder het bevel van 1Lt Ivan DUPONT en zal gelegerd worden in het dorp KOZARAC, een tiental kilometer ten Zuiden van BELI-MANESTIR, waar het HK zich bevindt.  Het heeft heel wat voeten in de aarde eer de lijst met ongeveer 40 vrijwilligers definitief is. Aan de opdracht zal ook één milicien deelnemen, SdtMil Robert KOCH. Hij moet daarvoor wel een vrijwillige dienstprestatie voor één jaar ondertekenen en dus na zijn opdracht nog even bij 2A blijven…

Vanuit de Staf wordt een uitgebreide voorlichtingscampagne opgezet, ook naar de familieleden van de deelnemers toe.  De coördinatie is in handen van een officier, 1Lt Robert MULKENS. Na het vertrek van de manschappen, zal hij de contacten met de families onderhouden en de familiebijeenkomsten in de kazerne inrichten. Deze maandelijkse contactdagen krijgen de naam “UNPROFAM”

Ondertussen neemt het bataljon deel aan  de CPX- oefening Brigade “ AUTUMN LEAVE” van van 21 september 1992 tot 1 oktober 1992 in de Belgische Ardennen. Ook een Duitse brigade neemt aan deze grootscheepse oefening deel. Vijftig jaren na WO II zijn weer Duitse militairen actief in de Ardennen en dat roept bij sommige mensen boze herinneringen op. De Duitsers zijn zich daarvan bewust en voeren een waar charme -offensief door.

De A – Batterij, die pas haar opleiding voltooide, vuurt van 12 tot 15 oktober 1992 in ELSENBORN en van 4 tot 13 november 1992 in het Franse SUIPPES deelnemen als C – Batterij van 6A aan een schietperiode van deze eenheid. Van 24 november tot 10 december 1992 verzorgt deze batterij de wacht aan de Koninklijke Paleizen in BRUSSEL en LAKEN.

Op 22 oktober 1992 wordt het “PALLIETERBEELDJE”, dat door de burgemeester van LIER beloofd was op de Regimentsfeesten van 18 juin ll. , plechtig overhandigd door een delegatie uit LIER tijdens een feestelijke avond. Het krijgt een ereplaats in de vitrine van de Stafblok.

Overhandiging van het Palieterbeeldje
Overhandiging van het Palieterbeeldje

Ook de herstructureing van de Krijgsmacht neemt steeds vastere en ingrijpender vormen aan. Na het “ PLAN CHARLIER I” en “ CHARLIER II” komt er het “ PLAN DELCROIX”, genoemd naar de zittende Minister van Landsverdediging. Dit plan voorziet in de opschorting van de diensplicht vanaf 1994 en het reduceren van de Krijgsmacht  tot 40.000 man en 5.000 burgers tegen einde 1997. Dit toekomstperspectief krijgt de naam : “ BEAR 97” ( BElgian ARmy 1997)

Talrijke eenheden worden afgeschaft of fusioneren. Daarbij gaat het soms om traditierijke eenheden, zoals de GRENADIERS of de GIDSEN. Daartegen komt wel wat verzet, vooral uit de kringen van de oudgedienden. Uiteindelijk kiest men dan voor de zogenaamde “ DUBBELE BENAMING”, waardoor de tradities en het vaandel of de standaard van deze eenheden kunnen bewaard worden.

In de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE krijgen we op deze wijze:

  • de infanterieregimenten “ BEVRIJDING – 5 LINIE” ( BVR-5LI)
  •                                      “ CARABINIERS – GRENADIERS ( 1C- GR)
  • het tankregiment            “ 2 LANSIERS – 4 LANSIERS” ( 2/4L)
  • de anti-tank compagnie  “ 8 LINIE – 9 LINIE “ ( 8/9Li)

De overgangen hebben plaats met enig ceremonieel tijdens de respectieve Regimentsfeesten. 2A wordt door heel deze poespas, gelukkig,  niet getroffen…..

Ter gelegenheid van hun vertrek naar de BARANJA is het UN-peloton van 2A ( D/30) de blikvanger op de BARBARAPARADE van 17 december 1992, in aanwezigheid van de Brigadecommandant. Tijdens een laatste drink, wordt aan de pelotonscommandant een videocamera overhandigd, teneinde de nodige beelden van hun activiteiten te kunnen vastleggen voor het thuisfront. Op 18 december 1992 is iedereen nog eens samen in de feestzaal voor een “ UNPROPARTY” met muziek en dans. Op 29 december 1992 tenslotte wordt het peloton op de vliegbasis van KLEINE BROGEL uitgewuifd door een delegatie van 2A. Zij zullen voor enkele maanden de “zorgenkinderen” van het bataljon zijn….

1993

De Laatste Meters

Het jaar 1993 kondigt zich als een bijzonder moeilijk jaar aan.

In afwachting van de aangekondigde afschaffing van de dienstplicht worden nog enkel de miliciens opgeroepen die ooit verdaging hebben gevraagd en bekomen. Dit leidt er toe dat de lichtingen in mekaar schrompelen: van een lichting van 85 man blijven er op de dag van de inlijving nog 47 over en dagen er uiteindelijk 32 op….Door het opdoeken van het OC Nr 3 in TURNHOUT, gebeurt de inlijving rechtstreeks in de eenheden, die nu dus ook zelf verantwoordelijk zijn voor de inlijvingsprocedures. In de loop van het jaar zal 2A trouwens de basisopleiding moeten verzorgen van alle Nederlandstalige miliciens van de Landmacht, de para-commando’s uitgezonderd.

Omdat ook steeds minder miliciens in de eenheid toekomen, komen  steeds meer taken op de rug van de vrijwilligers te liggen. Met een effectief van ongeveer 120 en daarenboven nog een 30-tal in de BARANJA wordt het leven in het kwartier er niet eenvoudiger op. Gelukkig komen, in het kader van REFORBEL,  steeds meer vrijwilligers  toe uit de BSD. Zij moeten allemaal geïntegreerd worden in de bestaande OT en velen zullen een reconversiecursus Veldartillerie” moeten volgen. De grote toeloop wordt echter pas verwacht tegen midden 1994, maar dat vereist nu reeds een planning voor het bezetten van de verschillende functies.

Tenslotte moet 2A ook geleidelijk overschakelen naar de nieuwe OT met drie schootsbatterijen, wat vooral talrijke mutaties van materieel en uitrusting met zich meebrengt.

Op de NIEUWJAARSRECEPTIE van 7 januari 1993 zijn ook een paar “ BLAUWHELMEN” aanwezig, die toevallig van hun groot verlof in België genieten. Het hoeft niet gezegd dat zij door Jan en alleman ondervraagd worden over hun opdracht in ex-Joegoslavië. Tevens raakt daar ook bekend dat LtKol E. VAN PUT midden 1993 zal afgelost worden door LtKol SBH A. BOONEN, een ancien en bekende van 2A.

De eerste bijeenkomst voor de familieleden van onze “BLAUWHELMEN”, UNPROFAM, gaat door in de feestzaal van het kwartier op 24 januari 1993. Er heerst grote onrust onder de familieleden. De KRAJINA – SERVIËRS hebben net de dag voordien de wapenopslagplaatsen in de BARANJA open gebroken en de in beslaggenomen  wapens  uit de magazijnen gehaald,  om naar eigen zeggen het hoofd te kunnen bieden aan een vermeende Kroatische aanval. Daarbij zijn ook  enkele Belgische militairen gegijzeld. Na een telefonisch contact met de Staf in de BARANJA , kan de korpscommandant  bevestigen dat het opnieuw rustig is in het gebied en dat iedereen gezond en wel is.

Radio “ VLAANDEREN INTERNATIONAAL” komt groeten opnemen, die zullen worden uitgezonden tijdens een speciaal programma voor de Belgen in het buitenland. De eigen SCV-dienst neemt videoboodschappen op, die worden overgemaakt aan BELBAT 2. Ook uit de BARANJA is er een videofilm aangekomen, die een beeld geeft van het  kantonnement in KOZARAC  en van de opdracht van “onze jongens” daar ter plaatse.

Aan de familieleden wordt gratis koffie en gebak aangeboden en voor de kinderen is er een speciale opvang voorzien. Ook de pakjesdienst krijgt extra veel werk… De SCV-dienst van de Brigade verspreidt daarenboven  een “ INFO-FLASH” aan de families. Daarin vinden zij allerlei nieuwtjes en uittreksels uit brieven uit de BARANJA.

Deze UNPROFAM bijeenkomsten zijn een groot succes en in de te kleine feestzaal is het een echte overrompeling. Voor BELBAT 2 zijn nog bijeenkomsten voorzien op 21 februari; 14 maart en 4 april 1993.

Op 22 februari 1993 ontstaat andermaal beroering in de kazerne. De politie van HASSELT heeft, tijdens een routinecontrole, een auto onderschept met drie miliciens van 2A,  die in het bezit waren van enkele XTC-tabletten. Na een uitgebreid onderzoek worden in een troepenkast in de kazerne ruim 400 pillen ontdekt en een heel XTC-verdeelnet blootgelegd. Er zijn zelfs vertakkingen tot in Engeland. Pers en televisie besteden uiteraard heel wat aandacht aan het gebeuren. De betrokken miliciens zullen later door de Krijgsraad veroordeeld worden.

Van 15 tot 25 maart 1993 is het bataljon in ELSENBORN voor een schietperiode met de B – Batterij. Deze batterij ondergaat haar batterijtest. Op zaterdag 20 maart 1993  worden de ouders en vrienden van de miliciens uitgenodigd om een dagje “ te velde” te komen doorbrengen met hun  soldaat.

Op 13 april 1993 komen, na een aanvankelijke onzekerheid over de duur van hun termijn, de 35 “BLAUWHELMEN” van BELBAT 2  dan toch na vier maanden naar huis. De mannen van het 3de Peloton / D – Compagnie worden afgehaald op de vliegbasis van KLEINE BROGEL en hartelijk begroet door hun vrouwen, kinderen en familieleden in de troepenkantine van het kwartier.

Op 15 april 1993 organiseert 2A voor de oudgedienden van de “ VRIENDENKRING 2A ( VK/2A)” een uitstap naar KELCHTERHOEF en het fort van EBEN-EMAEL. De dag wordt afgesloten met een gezellig samenzijn en een lekker diner in de feestzaal van het kwartier.

Vroeger dan verwacht, neemt op 30 april 1993, LtKol SBH Antoon BOONEN het bevel over 2A over van zijn voorganger, LtKol Emiel VAN PUT.

Met LtKol SBH BOONEN keert opnieuw een ancien van 2A terug aan het commando van het bataljon. “Tony” BOONEN zal vooral werk maken van de militaire en sportieve opleiding van zijn manschappen. Zijn “alom – tegenwoordigheid” zal stimulerend werken en een heilzame invloed hebben op de korpsgeest. De uitdagingen zijn er niet geringer om:

  • herstructurering van het bataljon;
  • reconversie en integratie van het nieuwe personeel;
  • opleiding van de laatste miliciens
  • aankomst van de eerste vrijwilligers “ KORTE TERMIJN” (KTV)

Daarbij legt de aanduiding en opleiding  voor buitenlandse opdrachten steeds weer een hypotheek op de primaire opdrachten van de Artillerie.

Men zou een rustiger tijd voor een commandoperiode kunnen kiezen!…

Nauwelijks enkel dagen later, op woensdag 5 mei 1993, dompelt een zwaar verkeersongeval in de kazerne het bataljon in rouw. Na een avondje uit, slipt een personenwagen met daarin drie miliciens in de bocht ter hoogte van Blok B4 (Stafblok 68ste Cie GevGn), ramt een betonnen paal en rijdt tenslotte te pletter tegen een boom links van de weg.  Voor SdtMil David VAN DAMME (22) uit HERSELT en SdtMil Wim RUYSSEVELDT (19) uit NINOVE komt alle hulp te laat. Zij overlijden ter plaatse. SdtMil Marc DAMS uit TESSENDERLO is zwaar gekwetst. De korpscommandant is zwaar aangeslagen door dit ongeval en laat op de plaats ervan een gedenksteen plaatsen als aandenken, maar ook als een permanente waarschuwing voor al te roekeloze chauffeurs.

De gedenksteen in Kwartier Helchteren
De gedenksteen in Kwartier Helchteren

Op 6 mei 1993 komt ZM Koning BOUDEWIJN naar LEOPOLDSBURG om er de “BLAUWHELMEN” te huldigen, die zopas uit de BARANJA zijn teruggekeerd. Ook het peloton “ BELBAT 2” van 2A is op deze plechtigheid aanwezig. Drie maanden later zullen zij deel uitmaken van de erehaag tijdens de begrafenisplechtigheid  voor de Koning, die op 31 juli 1993 in MOTRIL in Spanje overlijdt aan een hartstilstand.

Op 15 mei 1993 gaat de jaarlijkse “ OPENDEURDAG” door, die ondermeer in het teken staat van de UNPROFOR-opdrachten. Auteur Louis TOBBACK komt er zijn boek “ BLUE BARANJA” voorstellen en signeren. Nieuw is ook het “ JEUGDBREVET” dat uitgereikt wordt aan de jongeren die lukken in een achttal proeven zoals daar zijn: koordenpiste; klimmuur; EHBO; granaatwerpen; enz…

Met een 104 uur – oefening in en rond MARCHE-EN-FAMENNE van 24 tot 28 mei 1993 wordt de maand afgesloten. Ook hier geeft de korpscommandant weer het goede voorbeeld en neemt actief deel aan het rotsklimmen en andere proeven. Dat doet hij ook op zaterdag 12 juni 1993 in LIER als hij op kop van de ploeg 2A loopt, die er deelneemt aan de “ PALLIETERJOGGING”

Voor het dienstencentrum “ ’T WEYERKE” uit HEUSDEN – ZOLDER is er op 26 en 27 juni 1993 andermaal materiële hulp en een cheque van 100.000 BEF.

Aan het defilé van 21 juli 1993 in BRUSSEL neemt 2A deel met:

  • het peloton BELBAT 2;
  • acht houwitsers M109A2.

Het ontwerp van OT, waarbij 2A, naast DRIE schootsbatterijen ook een batterij MISTRAL zou krijgen, gaat niet door.  In de schoot van de Artillerie wordt een bataljon MISTRAL (14A) opgericht. Overigens zullen de Luchtdoelartillerieschool van LOMBARDSIJDE en de Veldartillerieschool van BRASSCHAAT samen smelten tot “ ARTILLERIESCHOOL- 6A” met zetel in BRASSCHAAT.

2A krijgt wel de OT met DRIE schootsbatterijen (A- , B- en C – Batterij.) De C – Batterij zal echter op park staan; zij beschikt over al haar materieel, maar heeft slechts enkele mensen voor de administratie en het onderhoud ervan. De leveringen en mutaties van dit materieel beginnen in juli 1993 met de overgang van de M113 van 8/9Li naar 2A en de afvoer van de CVR-T.

Zoals hierboven reeds vermeld, overlijdt op 31 juli 1993 ZM Koning BOUDEWIJN in MOTRIL (ESP). De verslagenheid in het land is groot en duizenden komen een laatste groet brengen aan de geliefde vorst. Het leger draagt rouw! Bij de begrafenis op 7 augustus 1993 levert 2A een deel van de erehaag langs het traject van de rouwstoet.

Ondertussen raakt bekend dat 2A versterking zal moeten leveren aan de Staf van 1C/1Gr voor BELBAT 5. Voor 15 man begint de UNPROFOR – opleiding….

Het jaar 1993 eindigt nog maar eens in galop:

  • van 4 tot 15 oktober 1993 is er een oefenperiode in het kamp van ELSENBORN, als voorbereiding voor de test van de A – Batterij in SUIPPES;
  • van 17 tot 24 oktober 1993 gaat de CPX “ NEW STYLE” door in de Moezelstreek;
  • van 22 oktober tot 3 november 1993 is het bataljon in het Franse kamp van SUIPPES voor een schietperiode, die afgesloten wordt met een batterijtest voor de A – Batterij, onder de naam “ THE A-TEAM”.

Deze test is de laatste die in het bataljon zal worden uitgevoerd met deelneming van  miliciens. Overigens zullen in de komende maanden de voorbereidingen en de deelneming aan de UNPROFOR – opdrachten in ex – Joegoslavië een zware hypotheek leggen op de primaire opdrachten van het bataljon.

Op zondag  21 november 1993 verzamelen de “BLAUWHELMEN” van BELBAT  5 en hun families voor het “ultieme” samenzijn. Enkele dagen later vertrekken deze mannen naar de BARANJA, naar BELI – MANESTIR, waar zij allerlei taken zullen vervullen in de Staf –Compagnie van BELBAT 5, geleverd door 1C/1Gr. Op 19 december 1993 heeft de eerste  van vier UNPROFAM – bijeenkomsten plaats. Hierop zullen ook telkens een aantal families van  militairen uit 6A aanwezig zijn, daar voor hen de verplaatsing naar SOEST te ver is.

Met méér dan één receptie en met een stijlvolle parade op 20 december 1993 ( zijn 56ste verjaardag!) neemt 2A afscheid van Adjt – Chef Louis VRANCKX, die meer dan 36 jaar lang onafgebroken zijn dienst bij 2A heeft vervuld. Hij is als het ware vergroeid met het bataljon en met zijn wel en wee. Na zijn pensionering op 31 december 1993 zal Louis VRANCKX  nog beperkt werkzaam blijven in de eenheid als archivaris en werk maken van de geschiedschrijving en de traditiezaal van 2A.

Verlieten 2A in 1993 – Adjchef Louis Peeters en Louis Vranckx
Verlieten 2A in 1993 – Adjchef Louis Peeters en Louis Vranckx

In de Limburgse Maasvallei wordt, na overstromingen, veroorzaakt door zware regenval, fase 3 van het Rampenplan afgekondigd. Op vraag van de gouverneur worden de eenheden van de 1ste PANTSERINFANTERIEBRIGADE ingeschakeld voor het vullen en verdelen van zandzakjes  en het verstevigen van de dijken. Ook 2A neemt vanaf 21 december 1993 met enkele pelotons aan deze operatie deel. Gelukkig is op Kerstavond het ergste voorbij….

Met een welverdiende verlofperiode wordt het jaar 1993 afgesloten. 2A staat op de drempel van een nieuwe periode in zijn lange geschiedenis. Buitenlandse opdrachten, oefeningen in het kader van het EUROCORPS; het opschorten van de dienstplicht, de overgang naar een beroepsleger; het afsluiten van REFORBEL: het zijn slechts enkele van de uitdagingen die op 2A afkomen. Deze ingrijpende veranderingen en de gevolgen voor 2A en zijn beroepsmilitairen zullen verhaald worden in het volgende deel VI : “ NIEUWE TIJDEN “